Boekenkring

De boekenbeurt

Een boekenbeurt is een 'spreekbeurt' waarin je verschillende onderwerpen van een boek aan bod laat komen. Op dit blad worden de verschillende onderwerpen uitgelegd.
 
Voorbereiding
Boek kiezen
Een boekenbeurt zonder boek is lastig, daarom kies je een boek dat je leuk lijkt. Hierbij moet je in de gaten houden dat het boek wel op niveau is van groep 7. In de bibliotheek zijn dit de (B en) C-leesboeken. Als je een boek gekozen hebt, moet je deze eerst laten keuren door de juf. Pas wanneer het boek goed is gekeurd, ga je het boek helemaal lezen. Het is wijs om sommige stukken tijdens de voorbereiding nog een keer te lezen, om de komende onderdelen goed uit te voeren.
 
Beschrijving personages*
Tijdens de boekenbeurt ga je wat vertellen over de hoofdpersonen in het boek. De hoofdpersonen in het boek zijn de personen die het meeste voorkomen.
Je kunt bijvoorbeeld de volgende onderdelen vertellen over de hoofdpersonen:
         - Jongen/meisje
         - Leeftijd
         - Uiterlijk: haar, lengte, dik/dun, kleding
         - Karakter: lief, stoer, stout, gemeen, zorgzaam, pestkop, eigenwijs, etc.
 
Korte samenvatting*
Je gaat kort vertellen waar het boek over gaat. Probeer per hoofdstuk de belangrijkste dingen eruit te halen. Vraag jezelf steeds af wat hoofdzaak en bijzaak is.
Voorbeeldverhaal:
"Pietje was erg zenuwachtig deze morgen, want hij moest naar het zwembad toe. Hij moest naar het zwembad, want hij mocht eindelijk op voor zijn diploma reddingszwemmen. Hiervoor heeft Pietje al een jaar les. De laatste keren ging het goed, maar toch was hij erg gespannen. Hij moest op de fiets naar het zwembad en reed erg snel. Toen hij op het zwembad aankwam, kleedde hij zich meteen om. Iedereen stond al klaar, terwijl hij zijn badmuts nog op moest doen. De trainer van Pietje nam het examen af. Alle onderdelen gingen erg goed en de trainer was erg trots op Pietje. Natuurlijk was Pietje geslaagd en erg blij. Om het te vieren aten ze frietjes."
Samenvatting:
"Pietje heeft examen gedaan in reddingszwemmen. Hij is geslaagd."
 
De schrijver*
Je gaat informatie zoeken over de schrijver van het boek. In de bibliotheek kun je eventueel wat vinden. Op www.leesplein.nl kun je ook veel informatie vinden.
Je kunt deze hulpvragen gebruiken:
- Naam
- Leeftijd
- Geschreven boeken
- Gewonnen prijzen
 
Eigen mening*
Je gaat je eigen mening vormen over het boek. Hierbij kun je antwoord geven op de volgende vragen:
- Wat vind je van het verhaal?
- Wat vind je van de hoofdpersonen?
- Leest het boek makkelijk of heb je er veel moeite voor moeten doen?
- Zou je het andere kinderen aan kunnen raden?
 
Presentatie*
Heb je alle informatie geschreven en gevonden, ga je een presentatie maken waarmee je jouw boekenbeurt gaat laten zien. Dit kan met PowerPoint, Prezi of misschien iets anders wat jij fijn vindt. Tip: controleer van tevoren op school of alles werkt, zodat je niet voor onaangename verrassingen staat. Maak ook een spiekbriefje waarin je met steekwoorden schrijft wat je wilt vertellen.
 
Voorlezen*
Je gaat een stukje voorlezen uit jouw boek. Dit stukje moet een stukje zijn waarvan jij denkt dat het leuk is voor de klas.
 
Oefenen
Je gaat het thuis oefenen. Dit kan voor jezelf, maar ook voor je ouders, broer, zus, oom, tante, oma, opa, enzovoorts. Zij kunnen je eventueel nog tips geven.
 
Op de dag zelf
Op de lijst in de klas kun je zien op welke datum jouw boekenkring is. De boekenbeurt duurt ongeveer 10 minuten. Daarna mag de klas nog vragen stellen en krijg je de beoordeling.
Tijdens de presentatie komen dus deze onderdelen aan bod:
- Hoofdpersonen
- Samenvatting
- Schrijver
- Voorlezen
- Eigen mening
 
Beoordeling
Een boekenbeurt is niet automatisch goed als hij lang duurt. Het gaat om de inhoud: dus om het verhaal dat je vertelt, de manier waarop je 't vertelt, wat je erbij laat zien en hoe je dat laat zien. Maak je er niet "maar even snel vanaf", want dan is je boekenbeurt onvoldoende. Voor een boekenbeurt krijg je een waardering die meetelt voor je rapport.
Naast de sterretjes die hierboven staan, wordt hier ook op gelet: Verstaanbaarheid - Contact met de klas - Snelheid van praten - Materiaal.
 
 
Mochten er vragen zijn, vraag het de leerkracht!!!                  Succes!!!