Onderwijs en Ontwikkeling
  
Groepsvormen
 Bij de organisatie van ons onderwijs is de verdeling van de leerlingen en leerkrachten over de groepen een belangrijk aspect. De leerlingen van de groepen 1/2 zitten in heterogene groepen, dat wil zeggen dat de kleuters van 4, 5 en 6 jaar bij elkaar in de klas zitten. We spreken daarbij van oudste, jongste en middengroep kleuters.
We spreken ook van een onder- en bovenbouw: de groepen 1 tot en met 4 vormen de onderbouw en de groepen 5 tot en met 8 vormen de bovenbouw.
De gemiddelde groepsgrootte is ongeveer 25 tot 30 leerlingen.
             
We werken met het igdi model. Niet alle leerlingen ontvangen tegelijkertijd dezelfde instructie en verwerken dat op dezelfde wijze: kinderen worden aangesproken op hun individuele onderwijsbehoeften. Hiervoor kunnen genoemd worden:
 
Gedifferentieerde instructie en het werken aan de instructietafel
Kinderen werken dan individueel of in kleine groepjes aan de opdrachten of een eigen (aangepast) programma, terwijl de leerkracht aan andere kinderen nog instructie kan geven. Informatica communicatie technologie (ICT): hieronder verstaan wij het gebruik van de computer als aanvulling op de verschillende vakgebieden.
 
Zelfstandig werken
In de groepen 3 tot en met 8 werken wij met een taakbrief. Op deze taakbrief staan opdrachten aangegeven die de kinderen in 1 week, binnen de tijden voor zelfstandig werken, klaar moeten hebben. Ook bij de verschillende vakgebieden moeten kinderen zelfstandig aan het werk kunnen zijn.
 
Co÷peratief Leren
In alle groepen worden de kinderen gestimuleerd via speelse opdrachtvormen om samen te werken met als doel om samen te leren. Meer informatie hierover is te vinden op de voorpagina.
 
Documentatiecentrum
In het documentatiecentrum kunnen de leerlingen van voornamelijk de groepen 5 tot en met 8 documentatie vinden over allerlei onderwerpen voor het maken van werkstukken en het voorbereiden van spreek- en boekenbeurten. Kinderen zoeken hun informatie zowel in gedrukte als in digitale vorm.